Tijdens een pauze even langs het café sloeg Anya haar man met een andere vrouw aan en besloot hen beiden een lesje te leren.

**Dagboek van Lieke**

Vandaag was vermoeiend. Alsof mijn chef expres alles op het laatste moment moest vragen. Alsof die rapporten niet morgen konden wachten. Mijn werkdag was al stressvol genoeg, dus besloot ik even langs mijn favoriete café te gaan. Ik verheugde me al op een gezonde salade en een kop koffie, zodat het leven even wat kleur kreeg.

Toen ik binnenkwam, was het café bijna leeg. Net toen ik bij mijn vaste tafel wilde gaan zitten, zag ik een bekend gezicht. Mijn man, Jasper. En hij was niet alleen. Er zat een opvallende vrouw naast hem.

Ik verstijfde, alsof er een emmer koud water over me heen ging. Die vrouw leek zo uit een glossy te zijn gestapt. Een platinablonde in een strak jurkje, glinsterend van dure sieraden. Haar make-up was perfect. Jasper vertelde iets, en ze lachte, terwijl ze speels zijn hand aanraakte.

Alles draaide in mijn maag om. *Dus zo zit het?* Mijn eerste impuls was om naar hun tafel te stormen en een scene te maken, net als in die dramatische films. Maar ik hield me in. Nee, dat was te simpel.

Ik liep terug, een plan vormend in mijn hoofd. Als hij wilde spelen, dan gaf ik hem een écht spelletje.

Ik koos een tafel in een andere hoek, maar zo dat ik ze nog kon zien. Ik bestelde een salade en koffie, maar at niet meteen. In plaats daarvan pakte ik mijn telefoon en belde Jasper. Zijn telefoon rinkelde op tafel. Hij keek naar het scherm en zette hem snel op stil. Ik grinnikte. *Niet opnemen, hè? Wat is er dan zo belangrijk?*

Ik bleef kijken hoe hij naar die blonde leunde, iets fluisterend. Ze lachte overdreven, haar mond bedekkend met een hand waar een flinke diamanten ring aan zat. Mijn hart verkrampte. Ik keek weg, probeerde mezelf bij elkaar te rapen. *Rustig, Lieke. Geen paniek.*

Herinneringen flitsten door mijn hoofd. Onze eerste afspraakjes, zijn beloften. Was dat allemaal een leugen? Ik beet op mijn lip, maar bleef observeren. Misschien was het gewoon een collega. Een *veel* te verzorgde collega die wel erg dichtbij zat.

Toen zag ik een man langs mijn tafel lopen. Lang, knap, met een stoppelbaard. Alsof hij rechtstreeks uit een reclame kwam. En toen had ik een idee. Ik stak mijn hand op.

Sorry, zei ik. Hij draaide zich om, zijn blik vragend.

Ja?

Ik heb een vreemd verzoek Ik wees discreet naar Jasper. Dat is mijn man. En blijkbaar heeft hij het te druk met haar om mij te bellen. Zou je mee willen doen aan een klein toneelstukje? Dan voelt hij eens hoe ik me nu voel.

De man dacht even na, toen glimlachte hij.

Prima, waarom niet? Hij ging tegenover me zitten.

Ik ben Lieke, zei ik.

Daan, antwoordde hij.

Ik glimlachte, maar mijn hart bonsde. Ik keek naar Jasper. Hij had me gezien. Verwarring schoot over zijn gezicht. Hij had duidelijk niet verwacht me hier te zien. Zeker niet met een andere man. Hij probeerde onverschillig te doen, maar zijn hand verkrampte.

Ik speelde mijn rol verder. Ik leunde naar Daan toe, deed alsof ik iets belangrijks vertelde. Hij speelde perfect mee. Lachte op de juiste momenten.

Jasper werd steeds onrustiger. Hij tikte met zijn vingers op tafel, keek regelmatig onze kant op. Toen nam ik het volgende stapje: ik pakte Daans hand. Hij kneep zachtjes terug. Jaspers blik werd donker.

Daan, je bent een geweldige acteur, fluisterde ik.

Kijk eens hoe gespannen hij is, grinnikte Daan. Denk je dat het genoeg is?

Laten we langs ze lopen, stelde ik voor.

We stonden op, ik hing aan zijn arm. Toen we langs Jaspers tafel kwamen, speelde ik mijn laatste troef uit.

O, hoi schat! Wat toevallig. En wie is je vriendin?

Jasper verstijfde. De blonde keek hem scherp aan.

Dit is Hij stotterde. Een collega.

De blonde fronste. Een *collega*?

O, echt? Ik hief een wenkbrauw op. Ik dacht dat je vandaag met klanten moest vergaderen.

Jaspers kaak spande.

Lieke, wat is dit voor toneelstuk? Hij stond op. Wie is die gast? Waar ben je mee bezig?

Jij mag er vreemdgaan, maar ik niet?

De blonde verstijfde. Je bent getrouwd? zei ze koud.

Zonder een woord pakte ze haar tas en liep weg.

Geweldig, beet Jasper me toe. Tevreden? Ze was een belangrijke klant! Dit was zakelijk, niet wat jij denkt!

En wie is dan die man? Hij wees naar Daan.

Jij mag afspreken met anderen, maar ik niet? Ik zette mijn kin omhoog.

Dus je bedriegt me?

Ja.

Eh, ik denk dat jullie dit zelf moeten oplossen, mompelde Daan en maakte dat hij wegkwam.

Jasper gooide wat euros op tafel en vertrok.

Een brok in mijn keel. Ik wist niet eens hoe ik terug naar kantoor moest. Ik belde een collega om me ziek te melden en ging naar huis. Toen ik binnenkwam, zat Jasper op de bank. Verrassend kalm.

Lieke, zei hij zacht. Heb je me echt bedrogen?

Zijn blik was zo oprecht dat ik naast hem ging zitten.

Nee. Ik kende die man niet. Ik wilde je pijn doen omdat ik dacht dat jij mij pijnde.

Hij wreep over zijn gezicht.

Dit is zo dom. Ik snap nu hoe fout ik zat. Het spijt me. Ik had het je moeten vertellen. Er was niets tussen ons.

Ik zei niets, leunde tegen hem aan. Boos, maar ook opgelucht.

Beloof me dat je niet meer liegt.

Dat beloof ik. Hij kuste mijn hoofd. Vergeef me, domme meid.

Hij sloeg zijn arm om me heen, en langzaam voelde ik de spanning wegzakken. Ik dacht nog steeds aan die blonde, maar ik zag zijn spijt. Uiteindelijk was het goed.

Rate article