Mijn vader waste vroeger altijd zelf zijn sokken. Hij beschouwde ze als iets persoonlijks en zou het vernederend hebben gevonden als mijn moeder ze voor hem had gewassen. Hij zorgde ervoor dat zijn sokken en ondergoed altijd schoon en netjes waren.
In mijn eigen gezin ging het er heel anders aan toe. Mijn man, Hendrik, was nooit van plan zijn sokken zelf te wassen. Hij vond het onzin om ze met de hand te wassen; iedereen kon ze toch wel in de wasmachine doen en ze daarna aan het droogrek hangen.
Zo kabbelde ons leven voort, maar op een dag vergat ik te kijken en had Hendrik ineens geen schone sokken meer. En hij gaf mij daar de schuld van!
Vroeger werden sokken nog gestopt, maar tegenwoordig koopt men gewoon nieuwe. Als ik bij het wassen sokken met grote gaten tegenkom, belanden die zonder pardon in de vuilnisbak. Blijkbaar heeft Hendrik daardoor niet meer veel sokken zonder gaten.
Als je je sokken in de wasmand zou doen, zou ik ze ook voor je wassen. Ik ga toch niet door het hele huis struinen om overal viezigheid te zoeken. Vuile spullen horen nu eenmaal in de wasmand! antwoorde ik op zijn gemopper.
Het is jouw taak om te zorgen dat ik schone en gestreken kleding heb, zei hij toen.
Pas toen besefte ik dat de sokken van Hendrik blijkbaar mijn verantwoordelijkheid waren geworden. Voorheen was ik me nooit zo bewust geweest van deze stilzwijgende taakverdeling binnen ons huishouden.






