Tussen waarheid en droom
Sterre zat behaaglijk in haar huis, diep weggezakt in een warme oranje plaid. Buiten dwarrelde een slome sneeuwbui omlaag, de vlokken daalden als walsende engeltjes op de vensterbank neer een wintersprookje uit een gemiddeld Amsterdams raam. Ze was net terug van de laatste passessie van haar trouwjurk, waar ze drie kwartier was bestookt met advies van een overenthousiaste coupeuse uit Amersfoort. Op schoot lag een Papieren Tas van een dure boetiek uit Den Haag, gevuld met oorringen, een diadeem en andere essentiële snuisterijen want zeg nou zelf, wat is de perfecte Nederlandse bruid zonder een verantwoord accessoire?
Sterre fantaseerde stiekem hoe ze straal zou lopen op de grote dag. Ze zag het voor zich: de glinsterende jurk, het zachte gedempte licht van de feestzaal in Utrecht, al die bewonderende blikken van familie uit Groningen tot Venlo Tja, dromen zijn óók belangrijk.
De stilte in huis werd bruut onderbroken door de bel. Een snerpende toon typisch, die Domtorenbel uit de jaren 80. Sterre schrok zich kapot en trok haar plaid bijna tot over haar hoofd. Ze keek even naar de klok: 18:50. Wie belt er nu? Zou het de PostNL-bezorger zijn met dat langverwachte pakketje haring? Of kwam buurvrouw Annie weer om een kopje suiker zeuren, zogenaamd spontaan?
Voorzichtig liep ze naar de deur en tuurde door het Hollandse spionnetje je weet tenslotte nooit. Aan de andere kant stond een lange man, gezicht nauwelijks te onderscheiden in het schemerdonker, schouders vol smeltende sneeuw. Niet écht uitnodigend om open te doen, maar ja, iedereen in Nederland heeft weleens een vaag moment.
Wie is daar? probeerde ze met haar beste kalme stem.
Ik ben het, Wout, klonk het dof van achter de deur. Ik moet met je praten. Metéén.
Sterre aarzelde want ja, wie zit er nou te wachten op een dramatische Wout op een doordeweekse avond? Maar stel je voor dat Roos iets had…? Uiteindelijk draaide ze toch de sleutel om. Wout stond op de mat, sneeuw smolt als Zaanse boter smorgens vroeg uit zijn jas, inktzwarte kringen rondom zijn ogen.
Kom maar binnen, je bent zeiknat, bromde ze en deed haar best om niet te laten merken dat ze zich al lichtelijk ongemakkelijk voelde. Want een Hollander laat niemand zomaar in de regen staan, hoe ongemakkelijk ook.
Wout beende naar binnen, trok zijn Van Lier niet eens uit. Meteen lieten zijn leren schoenen modderige sporen achter op Sterres blinkende witte laminaat. Ze kón het niet opbrengen hem daar nu al op aan te spreken typisch een Nederlands compromis.
Hij keek haar aan, zijn blik ergens tussen verdwaalde student en verdrietige wielrenner na de Amstel Gold Race.
Sterre… ik kán zo niet verder, snikte hij dramatisch, ik hóu van jou!
Ze stond aan de grond genageld.
Wout, je… begon ze. Haar stem piepte als een slecht gestemde klarinet.
Wout kwam meteen dichterbij je zou bijna denken dat hij in een toneelstuk uit Leiden stond.
Ik weet het je gaat trouwen, je huwelijk is over vier weken en ik ben compleet op hol geslagen. Maar ik móest het zeggen. Met Roos, tja, ik was alleen met haar om jou vaker te zien… Nu keek hij erbij alsof het een heldendaad was. Ik heb haar nooit leuk gevonden, nooit!
Sterre voelde zich alsof ze uit haar marktkraam verdreven werd. Serieus?! Deze gozer begon iets met haar beste vriendin puur om haar in de smiezen te houden? Nee toch… Arme Roos, die dacht nog dat ze haar grote liefde aan de haak had geslagen…
Ze legde zonder nadenken haar plaid over de leuning van de stoel. Ineens leek de kamer een paar graden kouder te zijn of lag dat aan haar?
Wout, probeerde ze opnieuw, nu bedachtzaam. Snap je wel waar je mee bezig bent? Ik ben verloofd en ik HOU van mijn verloofde. We zijn bijna getrouwd, we plannen een bruiloft, we doen aan ouderwetse Hollandse toekomstplannen. En Roos…?
Ik weet het, maar ik kan niet meer zwijgen! Over een paar weken ben je voor altijd buiten mijn bereik Zijn stem werd plots zacht maar dramatisch, alsof hij net niet meedeed aan GTST. En Roos is ach, voor mij stelt ze niets voor. Je bent alles voor mij. Je begrijpt het toch? Serieus, zonder jou is het leven net zo leeg als een AH-broodjesrek vlak voor sluitingstijd.
Sterre voelde plaatsvervangende schaamte opwellen. Welke man zegt nou zó over een ander? Wout, je bent mijn vriend, niks meer. Ik ben dol op Bas daar ben ik zeker van, weet je. Ze schuifelde een stukje achteruit.
Wout haalde diep adem, alsof hij zijn persoonlijke Top 2000 ging aankondigen.
Maar als ik dit eerder had gezegd… voordat jij Bas leerde kennen…?
Even dacht Sterre echt na. De conclusie was genadeloos Nederlands: Het had niks veranderd, Wout. Sorry, maar je bent nou eenmaal niet mijn type, zelfs niet als er een Elfstedentocht overheen zou komen.
Wout deed nog een moedige poging tot charme-offensief. Maar ik weet dat er iets tussen ons is… Jij keek ook altijd net even langer naar mij op die, uh, gemeenschappelijke verjaardagen bij Roos.
Nu werd het haar zelfs een beetje spannend. Ze liep subtiel richting deur, want als iemand in Amsterdam om negen uur s avonds met zon blik naar je glipt, gaan alle alarmbellen af.
Er is niets, Wout. Jij wil vooral een ideaalplaatje, niet mij. Je bent verliefd op een fantasie. Sterres stem was gelijkmatig geen zin om een scène te maken. En nu is het klaar ook.
Wout balde wanhopig zijn vuisten, nu eerder uit wanhoop dan uit woede.
Je hebt het helemaal mis… Ik hou écht van je!
Sterre schudde haar hoofd. En Roos dan? Zie je niet wat je bij haar aanricht? Je loopt met haar gevoelens te klooien en denkt dat ik nu alles opgeef en achter jou aan kom?
Ik snap dat het lullig is oké, erg lullig, mompelde Wout. Hij probeerde haar blik te vangen met een soort puppy-hondjeshouding. Maar ik had het allemaal precies weer zo gedaan. Geen spijt, weet je.
Zo werkt het niet, je kunt geen geluk bouwen op andermans verdriet. Sterre probeerde haar mobiel te spotten op tafel. Want wie weet wat deze jongen nog in zijn mars had…
Roos moet het weten, en jij moet je excuses aanbieden.
Waarom zou ik? bromde Wout koppig. Zij boeit me niet.
Sterre kromp bijna in elkaar van plaatsvervangende schaamte. Ze voelde een mengeling van medelijden en lichte walging, maar bleef héél netjes. Voor jou wordt het niks niet met mij, en niet met Roos. Als je het waagt om hierover te zwijgen… Ze liet het dreigement lekker in het midden hangen.
Wout keek haar een paar seconden klemmend aan, en ineens had ze het gevoel alsof ze die jury in The Voice was maar dan zonder draaistoelen. Uiteindelijk zei hij: Ik ga… Maar ik geef niet op. Ik wacht wel tot je er klaar voor bent.
Niet doen, zei Sterre, vergeet het gewoon. Ga leven, zoals iedereen hier doet. Zoek een leuke vriendin, één van vlees en bloed. En nu eruit.
Hij strompelde richting deur, zichtbaar door zijn eigen inside drama overvallen. Bedankt voor je eerlijkheid, bracht hij uit, zonder poespas. Maar dit is niet het einde.
Hij sloot zacht de deur. Sterre stond nog altijd, wat verdwaasd, naar het dichtgevallen hout te kijken. De spanning vloeide langzaam uit haar lijf. Door het raam zag ze Wout, zijn schouders opgetrokken tot vlakbij zijn oren, als een natte duif in de Rotterdamse sneeuwstorm.
Sterre keek toe tot hij uit het zicht verdween. Ze voelde een soort onrust. Stel dat Wout tegen Roos een kletspraatje hield? Liegen kon hij als de beste, wist ze nu.
Ze griste haar mobiel van tafel en belde Roos. Roos, hoi, kunnen we even praten? Het is belangrijk.
Aan de andere kant klonk het schuiven van papieren. Roos stem kwam voorzichtig, bezorgd. Met Sterre…? Je klinkt nerveus. Is alles goed?
Sterre haalde diep adem. Wout was net hier. Hij gaf toe dat hij alleen met jou begon vanwege mij. Hij heeft je nooit écht leuk gevonden je was, uh… een soort bruggetje.
Lang bleef het stil. Sterre hoorde het bijna denken aan de andere kant. Tenslotte kraakte Roos stem.
Bedoel je… echt? Hoe… hoe kan dat nou?
Sorry, ik wil je niet kwetsen. Maar ik wil niet dat je in een leugen leeft. Jíj bent mijn beste vriendin. Ze ratelde door van de zenuwen. Wout was… raar. Hij zei dat ik zijn ware liefde was. Ik vond het oprecht griezelig!
Weer een pauze. Sterre hoorde een diepe zucht alsof Roos haar schouders rechtte.
Ik snap het… En nu?
Ik weet het niet. Misschien komt hij zo bij jou. Ben je alleen thuis? Sterre voelde de paniek van de situatie.
Ik red me wel. Dank je dat je het eerlijk zegt.
Sorry dat het zo moet, Roos. Echt.
Beter de waarheid dan een mooie leugen, toch? klonk Roos nu iets steviger.
Toen ze ophing, werd het in huis weer muisstil. Sterre liep naar het raam en drukte haar voorhoofd tegen het koude glas, tuurend naar de dwarrelende sneeuw in het licht van de lantaarns. Iemand anders zou haar pijnlijkste gesprek van de dag nog moeten voeren…
***
Intussen zat Roos in haar keuken, haar hoofd vol echos van Sterres woorden. Ze dacht aan de eerste date met Wout zn quasi-romantische openingszin bij het IJsselmeer, hoe hij haar hand vasthield, de zonnige voorjaarsdagen in het park. Alles voelde nu ineens ontzettend…bedacht. Zon Hollandse droom die enkel blijft leven omdat iedereen er in gelooft behalve degene die hem stiekem regisseert.
Ze tikte tegen haar theekopje afgekoeld, onaangeroerd. Alleen het ritmische tikken van de klok zoemde door de keuken.
Wat nu: Wout bellen? Of wachten tot hij bij haar aanbelde? Of Sterre laten komen? Ze wist het even niet meer. Eerst maar verwerken, pas daarna beslissen.
Precies op dat moment weerklonk de deurbel. Roos veerde op (Nederlands wantrouwen, dat krijg je ervan), drentelde naar de deur, en jawel: Wout.
Zijn haar zat vol gesmolten sneeuw, zn gezicht zo bleek alsof hij net het Elfstedentochtdrama had beleefd.
Roos, begon hij dramatisch. Ik moet je alles vertellen. Dat ge…
Sterre heeft het net uitgelegd, onderbrak Roos hem, terwijl ze zich zo koel mogelijk probeerde te houden. Ik denk niet dat je veel nieuws hebt.
Wout viel stil. Hij porde teleurgesteld in zijn mouw, alsof hij minder was dan de uitverkoopbroeken bij de WE.
Dus toch… Ik hoopte dat ik het je zelf kon zeggen. Maar nu, ja… Zijn schouders zakten nog dieper.
Wat moet je hier eigenlijk? vroeg Roos zakelijk. Vind je het leuk om mij onderuit te halen? Had je niet even eerlijk kunnen zijn? Nu heb je eerst Sterre opgezocht om haar huwelijk te slopen? Serieus?
Nee… ik wilde gewoon mijn schuldgevoel opbiechten, snap je.
Hij probeerde haar blik te vangen.
Je had gewoon eerlijk kunnen zijn, zei Roos schor. Niet achter mn rug om. En nu wil je ineens spijt betuigen?
Wout haalde een ringdoosje tevoorschijn. Hier. Neem maar aan, als excuus.
Roos keek naar het simpele gouden ringetje dat chagrijnig opblonk als een spotje boven de Albert Heijn-kassa. Was dit nu écht Hollandse romantiek?
Ze probeerde niet in lachen uit te barsten haar blik was ijzig. Hou hem zelf maar. Ik hoef geen compensatie.
Wout, nu zo hulpeloos als iemand met een lekke band zonder Wegenwacht, probeerde door te dringen. Laat me het alsjeblieft goedmaken. Een nieuwe start?
Dat kan alleen als je iemand nog vertrouwt, zei Roos. En jou vertrouw ik niet meer. Dit is jouw puinhoop. Dus… (Haar stem bleef stoïcijns) ik wil rust. Tijd. Ik wil géén contact. Ooit gehoord van ruimte geven? Nou, hier is-ie.
Wout knikte suf. Sorry dat ik je zoveel pijn heb gedaan.
Voordat hij de kans kreeg om de deur achter zich dicht te trekken ping! De bel weer. Roos keek verstoord, op alles voorbereid.
Dit keer stond Bas voor de deur, Sterres verloofde lang, serieus, kaarsrechte jas, het type ik neem geen genoegen met smoesjes. Bas stapte zonder omhaal binnen, hij groette nauwelijks.
Mag ik even?
Roos zag hoe Wout naast het keukenrek nog verder ineen kromp. Bas keek hem doordringend aan. Ik weet wat je gedaan hebt. Je krijgt nu even geen kansen meer.
Wout wilde nog iets uitbrengen typisch Hollands om in discussie te gaan maar Bas was resoluut. Niet. Eén. Woord. Nou luister: aan spijt hebben we niks. Wat je kapot maakte, fix je niet met sorry. Laten we het zo zeggen: als je nog een keer in de buurt van Sterre of Roos komt…
Bas hoefde niet uit te halen voordat Roos ingreep: Bas, rustig. Geweld helpt niet!
Maar Bas was vandaag de belichaming van Nederlandse directe duidelijkheid: een clean tikje volstond hup, Wout op de grond, hand aan zijn bloedende lip.
Duidelijk zo? vroeg Bas koeltjes. Wout krabbelde overeind, gooide een het spijt me in de kamer (dat niemand geloofde) en strompelde de deur uit.
De lucht klaarde meteen op. Bas haalde diep adem en keek Roos vriendelijker aan.
Sorry, hoor. Soms snappen mensen alleen de boodschap als je die een beetje inkopt.
Roos schudde even haar hoofd, ook weer niet te emotioneel. Misschien, ja. Tja, bedankt, denk ik.
Bas glimlachte. Het leven is rauw, Roos. Maar jij redt je wel.
Enigszins omringd door die typische Nederlandse nuchterheid kwam er rust in huis. Maar niemand zou dit ooit meer vergeten.
***
Wout slenterde inmiddels door de besneeuwde straten van Amsterdam verloren, rood-blauw gezicht, hij had het zelfs niet eens koud. De fysieke pijn stelde niks voor naast het lege gevoel erin. Hij had alles verbruid: Roos, Sterre, zichzelf.
De volgende dag zat hij met een blauw oog op kantoor want ja, werken moet. Collegas fluisterden, maar in Nederland vraagt niemand rechtstreeks wat er gebeurd is.
Na een week vroeg hij een transfer aan naar Maastricht. De manager keek even verbaasd maar regelde alles. Wout verkocht de ring bij een sieradenwinkel aan het Rokin, onverschillig. Het geld 230,56 maakte hij over naar Roos, met een kort berichtje: Sorry, dit verdien jij. Echt. Geen uitleg. Geen drama.
Op de dag van zijn vertrek stond hij met een volle weekendtas bij zijn flatje te wachten op een sneu Schipholtaxi. Sneeuw viel zacht, de stad was kalm, bedekt onder een dikke laag troost.
Ik heb er een puinhoop van gemaakt, mompelde hij. Maar goed, afsluiten, nieuwe start ergens anders.
Het taxiportier klapte dicht. Wout keek niet meer om.
***
Een week later zaten Sterre, Bas en Roos samen in een knusse café, ergens in het centrum van Utrecht. Op tafel drie dampende chocolademelk, buiten dwarrelde sneeuw als in een perfecte ansichtkaart.
Het gesprek kabbelde rustig. Sterre gaf enthousiast updates over haar bruiloft in Haarlem, Bas zat er kalm en ondersteunend bij (zelfs met een kleine glimlach).
Roos keek door het raam. Weet je, zei ze, ik ben niet eens meer boos op hem. Het is gewoon jammer dat mensen zo kunnen zijn.
Sterre legde een hand op haar arm. Het is niet jouw schuld. Jij verdient beter zonder leugens. En dat ga je vinden.
Roos knikte zelfverzekerd. Klopt. En ik ga het ook vinden.
De sneeuw buiten bleef dwarrelen en bedekte zachtjes de restanten van het verleden. Het was tijd voor iets nieuws met een beetje geluk, een boel nuchterheid, en de onmisbare warmte van een goede vriendschap.






