Toen hij werd gevonden, keerde iedereen hem de rug toe. Maar twee jaar later schrijven ze over hem in Amerika en Japan.

10 april, Amersfoort

Vandaag was zon dag die ik niet snel zal vergeten. Vroeg in de middag liep ik de tuin in om wat verse peterselie te plukken voor de soep. Terwijl ik richting de composthoop wandelde, hoorde ik ineens een piepend geluid. Vlak bij de rand van het composthok zaten twee kleine kittens tegen elkaar aan gedrukt, bibberend van de kou. De ene zag er gezond en levendig uit, het andere katje… ach, mijn hart brak.

Ik hurkte voorzichtig en tilde het zwakste diertje op. Zijn oogjes zaten haast helemaal dicht van het vuil en zaten zo dicht bij elkaar, dat je zou denken dat de natuur vergat ruimte ertussen te laten. Zijn pootjes trilden, de vacht zat in klitten. Zijn zusje was het tegenovergestelde: mollig, glanzende vacht, perfecte proporties een ware schoonheid.

Zonder aarzelen liep ik naar binnen en pakte de EHBO-doos. Met warme, natte watjes reinigde ik voorzichtig het gezichtje van het ukkie en druppelde oogdruppels zoals de dierenarts eerder eens uitlegde.

Je komt er wel bovenop, kleintje, fluisterde ik.

Die eerste weken waren een aaneenschakeling van bezoekjes aan de dierenarts in Utrecht. Allergieën voor kattenvoer, slecht ontwikkelde gewrichten, problemen met de coördinatie het leek maar niet op te houden. Ik noemde hem Tijs. Elke dag vocht hij zich erdoorheen, zonder klachten, al ging niets vanzelf.

Kijk hem nou, lachte ik eens tegen mijn vrouw Marieke, terwijl Tijs zijn kopje probeerde te wassen, maar omviel doordat zijn heupen niet goed meewerkten. Tijsje, jij bent mijn wondertje.

Zijn zus werd snel geadopteerd. Zon knappe, gezonde poes vindt altijd een huisje. Maar Tijs bleef bij mij. En, gek genoeg, heb ik nooit aan mijn keuze getwijfeld.

Zon zes maanden later viel me pas echt op wat een bijzonder snuitje hij had. Die rare, dicht bij elkaar zittende ogen gaven hem een uitdrukking die je nergens anders ziet. Alsof hij zich voortdurend verwonderde over alles wat hij meemaakte. Elke dag leek hij opnieuw verbaasd te zijn dat de wereld bestond.

Tijs, je kijkt alsof je net vergeten bent je fiets op slot te zetten, grapte ik, terwijl ik weer eens een foto maakte.

Mijn telefoon raakte vol met fotos. Tijs languit in een onhandige houding op de bank, Tijs met die eeuwig verbaasde blik, Tijs die mis sprong bij het raam soepel is hij nooit geworden.

Op een dag kwam mijn broer langs op de koffie. Hij zag Tijs op de vensterbank zitten en verslikte zich bijna in zijn stroopwafel.

Bart, wat heb jij nou weer voor dier gevonden?

Dit is Tijs. Mijn speciale kater.

Hij, eh, kijkt hij altijd zo?

Altijd. Alsof hij net heeft ontdekt dat ze in Friesland ook Nederlands praten.

Mijn broer trok gelijk zijn mobiel en schoot een paar fotos.

Je moet die kat opgeven voor de Langste Staart van Amersfoort-wedstrijd. Die is deze week in het wijkcentrum!

Tja, waarom ook niet? We wandelden die zaterdag samen naar het event. De jury bekeek Tijs van alle kanten, wisselde wat blikken uit en fluisterde samen. Ik dacht dat ze gewoon in de war waren door zijn aparte uiterlijk.

Meneer, uw kat is ontzettend uniek, zei een jongedame van de organisatie. Zet hem op social media, mensen zullen smelten!

Denk je? vroeg ik sceptisch.

Zeker weten!

Die avond twijfelde ik lang, maar besloot toch een filmpje te maken van Tijs. Zoals altijd zat hij scheef, ogen wijd open, alsof hij het geheim van het leven net doorgrondde.

Kom op, Tijsje, eens kijken of Nederland klaar is voor jou.

Het eerste filmpje haalde amper driehonderd views. Het tweede filmpje ging al richting de duizend. En het derde…

Vanaf toen ging het snel.

Bart! Moet je kijken! riep Marieke, terwijl ze met haar tablet kwam aanrennen. Tijs heeft meer dan zeventigduizend volgers!

Ik keek mijn ogen uit. Berichten stroomden binnen:

Dit is het liefste wat ik ooit zag!

Zijn hoofd is precies hoe ik me voel op maandagochtend!

Hoe kom ik aan zon kat?!

Die blik, alsof hij zich nog steeds afvraagt hoe hij in dit kattenlijf terecht is gekomen.

Ineens had ik een probleem mijn eigen account barstte uit zn voegen. Dus maakte ik een speciale pagina aan: Tijs, de Verbaasde Kat. Ik begon korte verhaaltjes te posten: over hoe hij achter lichtvlekjes aanliep en tegen de muur botste, hoe hij slapend met half open ogen lag omdat zijn oogspiertjes niet goed werken; hoe hij op de vensterbank zat als een filosoof die de zin van het leven probeerde te vatten.

Elke dag kwamen er volgers bij. Vijftienduizend, dertigduizend, vijftigduizend het ging maar door.

Plots kwamen ook de journalisten. Eerst het Amersfoorts Dagblad, toen de provinciekrant, later zelfs de Volkskrant. En het hield niet op.

Bart, er mailt nu zelfs een Amerikaan! riep Marieke verbaasd. Voor een interview of zoiets.

Het bleek om een redacteur van een groot Amerikaans blad te gaan: The Mirror. Daarna volgden een Duits tijdschrift, een Australische nieuwssite en een krant uit Japan.

Tijs, jongen, je bent internationaal, lachte ik terwijl ik deze aparte boef over zijn kop aaide. Ze praten over je in Tokio, stel je voor.

Toch deed Tijs altijd gewoon wat hij altijd deed. Met zijn typische scheve houding, verbaasde blik, pogingen om op de bank te springen het ging nooit in één keer goed.

En toen kwam er zelfs een Duits TV-team naar Amersfoort. Ik was nerveus dat Tijs bang zou worden voor het camerateam, maar hij bleef precies wie hij is: onhandig, verwonderd, zichzelf.

Fantastisch! riep de cameraman. Hij is zo naturel!

Na afloop gaf de regisseur me een stevige hand.

Dank u dat u dit dier gered heeft. Door mensen als u is de wereld een beetje mooier.

Die avond, terwijl Tijs op mijn schoot lag en de regen langs het raam tikte, dacht ik na over alles wat er was gebeurd. Hoe dat zielige, afgeschreven katje nu duizenden mensen blij maakte, in binnen- en buitenland.

Weet je, Tijsje, zei ik zacht tegen hem, zoveel mensen zeiden dat het geen zin had. Dat jij het niet zou redden, dat het zonde was van het geld en het geduld. Maar nu lachen mensen in Europa, Amerika en Japan om jouw gezicht. Ze vertellen dat je ze helpt als ze het moeilijk hebben. Dat jij hun somberste dagen lichter maakt, gewoon omdat je bestaat.

Tijs spinde alleen maar harder, met die olijke, verbaasde blik alsof hij net het antwoord op alles had gevonden.

Je laat zien dat elk dier hoe anders ook een kans verdient. Wat een minpunt lijkt, kan je mooiste kwaliteit zijn. En liefde kan echt wonderen doen.

Weer een melding op mijn telefoon deze keer een bericht van een journaliste uit Litouwen.

Ik zag niet aankomen dat ik journalisten uit alle hoeken van de wereld zou spreken door één hazenlipkatje uit de tuin. Maar dat was niet het belangrijkste. Belangrijk was dat Tijs leefde, zich goed voelde naar zijn mogelijkheden en echt gelukkig was. Hij kon dan geen boom in klimmen als andere katten, maar hij gaf mensen plezier met gewoon zichzelf zijn. En dat is voor mij het mooiste van alles.

Dankjewel, Tijsje, fluisterde ik terwijl hij zijn ogen sloot. Voor je strijdlust. Voor de les die je mij en zovelen hebt geleerd: geen situatie is zonder hoop. Het ontbreekt mensen vaak alleen aan liefde en geduld.

Tijs lag tevreden te spinnen, zelfs zijn slapen waren nog een beetje verbaasd alsof deze bijzondere weg hem zelf ook verraste.

En ver weg, in huizen in Amsterdam, Berlijn, New York en Tokio bekeken mensen fotos van die rare kat uit Amersfoort en realiseerden zich: schoonheid is relatief, maar vriendelijkheid is absoluut. Het is vriendelijkheid die een pechvogel uit de tuin tot een echte ster maakt en dat is een waarheid die ik nooit meer vergeet.

Rate article