Nadat de ouders hadden geweigerd om het jonge stel te helpen met de aankoop van een huis, droomde Maartje een vreemde droom waarin zij en haar man Jurre overwegen om hun ouders niet met hun toekomstige kind te laten praten.
Toen Jurre Maartje ten huwelijk vroeg, was hij volledig onbekend met haar familie. Hun relatie duurde nog maar enkele maanden, maar Maartje was de hele tijd al in zijn gedachten aanwezig, zwevend als een mist in de vroege ochtend boven de IJssel. Een vriend had hem eens, tussen mondhoeken vol haring en bier, gewaarschuwd dat het niet eerlijk was om zon mooie vrouw voor anderen te verbergen. Jurre voelde een drang, bijna als het natte zand van Scheveningen onder zijn voeten, om haar zo snel mogelijk ten huwelijk te vragen om haar te beschermen.
Maartje was niet alleen mooi, maar haar ogen straalden een scherpte die de grauwe lucht boven Rotterdam kon doorklieven. Ze was gewend dat mannen haar bewonderden, maar altijd vond ze een scheve kromming in hun karakter die haar tegenstond. Toen ze Jurre ontmoette, was zij sprakeloos door de vreemde aantrekkingskracht die hij op haar had. Haar verwachtingen werden meegenomen door een onzichtbare fiets en weggereden langs de Amstel. Toen Jurre haar ten huwelijk vroeg, zei ze direct ja, zonder terug te kijken.
Na de verloving zwommen ze samen naar de ouders van Maartje: Ada en Henk van der Veen. Zij knikten instemmend bij het nieuws, maar hun gezichten bleven neutraal, als regenwolken boven Leeuwarden. Ze waren gewend aan het feit dat Maartje eerder elke man afwees na verloop van tijd, haar beslissingen veranderend als het weer in Nederland. Misschien zou Jurre erin slagen haar gezonde Hollandse nuchterheid te temmen.
Jurre merkte op dat de ouders van Maartje een glimmende Volvo hadden en dat er altijd een verse bos tulpen op tafel stond een teken, dacht hij, dat ze goed verdienen, al sprak niemand erover. De bruiloft was bescheiden, alleen directe familie en goede vrienden waren aanwezig, op een boot dobberend tussen de grachten van Amsterdam. Jurre en Maartje hoopten, met een kloppend hart als een klomp, dat hun ouders hen als huwelijkscadeau een appartement zouden geven, maar de cadeaus waren bescheiden, een set Delfts blauwe kopjes en een broodrooster. Teleurgesteld besloten ze hun eigen huis te kopen, zonder hulp van hun ouders.
Ze spraken af voorlopig nog geen kinderen te nemen en apart te blijven wonen totdat ze hun eigen plek hadden. Onafhankelijkheid lonkte als een vuurtoren aan de Noordzeekust; ze wilden hun ouders niets schuldig zijn, ook al wisten ze dat die best konden bijdragen.
Jurre en Maartje leefden zuinig in een huurwoning in Utrecht, spaarden euros alsof het hagelslag was voor op de boterham. Vier jaar gingen voorbij, tot op een mistige ochtend Maartje zwanger bleek te zijn. Ze wandelden samen naar de huisarts, hun harten vol blijdschap maar hun hoofd gevuld met zorgen. De droom bracht hen naar het huis van de ouders van Maartje, waar ze het goede nieuws deelden en om hulp vroegen bij het kopen van een huis. Ada en Henk weigerden vriendelijk, met smoesjes over tegenvallende beleggingsfondsen, terwijl Maartje wist dat ze een flinke spaarrekening in euros hadden. Het stel vertrok abrupt, zonder een hand te geven, als opgejaagde meeuwen.
De volgende dag bezochten ze de ouders van Jurre, Grietje en Kees, die juichten bij het horen van het nieuws alsof er een Elfstedentocht was. Jurre vroeg voorzichtig ook hier om steun voor een huis, maar zijn moeder wees hem af, wijzend op de eerdere weigering van Maartjes ouders, en bood aan dat ze bij hen kwamen wonen in hun huis in Dordrecht.
Gekwetst en teleurgesteld drentelden Jurre en Maartje weg, hun voeten klonken als zware houten klompen op de stenen. Maartje was zo verdrietig dat ze overwoog haar kind niet aan de grootouders te laten zien; in haar droom hoorden hun prioriteiten thuis in een schilderij van Jeroen Bosch.
Wat betekent het eigenlijk in Nederland: moeten jonge stellen boos zijn op hun ouders als die financieel niet helpen?.






