Dus, laatst was ik in onze tuin in Haarlem bezig om de oude appelboom eindelijk eens te snoeien weet je nog, die boom die ieder jaar meer op een rommel lijkt? De ochtend was superbenauwd, het was zon typisch Hollandse dreigende dag, grijs en vochtig, je voelde gewoon dat er elk moment een plensbui kon losbarsten, maar ik dacht: ach, ik maak het af, die dode takken moeten er nu echt uit.
Ik had dus al vroeg de ladder erbij gepakt, goed stevig tegen de stam gezet en nog gecheckt of ie niet wiebelde. Ik klim een paar sporten omhoog, snoeischaar in de ene hand, en net toen ik de eerste tak wilde knippen, voel ik ineens dat er iets aan mijn broek getrokken wordt, achter me.
Ik draai me om met mn hart zowat in mijn keel en wie zie ik daar? Onze hond, Bram! Hij probeerde gewoon achter me aan de ladder op te klimmen, zn poten gleden over het metaal en hij keek me met van die hele grote, bange ogen aan. Echt, je hebt geen idee wat ik dacht: Wat doe je, joh? Straks donder ik nog naar beneden!
Dus ik zei: Bram, wat moet dat? Hup, naar beneden. Probeer m weg te sturen ik zwaai zelfs een beetje met mn hand maar hij bleef koppig staan, zelfs nog wat hoger op de ladder, voorpoten erop, en toen zonder enige waarschuwing beet hij gewoon in mijn broekspijp en begon als een malloot te trekken.
Nou, ik werd chagrijnig, eerlijk gezegd, en ik roep: Ben je gek geworden? Laat los! Maar hij hield vol, blafte erbij alsof hij me echt ergens voor wilde waarschuwen, en bleef trekken, zo hard dat ik mezelf met twee handen aan de ladder moest vasthouden om niet om te kukelen.
Ik werd dus een beetje boos, maar tegelijkertijd zag ik aan zijn ogen, dit was geen spelletje dit was serieus. Bram deed anders nooit zo, het voelde alsof hij me iets duidelijk wilde maken.
Maar goed, ik dacht: ik ga toch verder, dus ik probeer nòg een keer hoger te klimmen en gelijk trekt hij weer zo venijnig aan mijn broek dat ik haast omviel. Toen heb ik het opgegeven ik zucht, zeg: Goed dan, je hebt gewonnen. Maandag breng ik je naar het asiel, geen grapje. En Bram keek zo triest, of hij zich schaamde, maar ik zette hem toch in zijn ren en deed het deurtje dicht, in de hoop dat ik weer even rustig verder kon.
Nou, toen gebeurde het dus. Ik zet mijn voet op de onderste sport om opnieuw omhoog te klimmen, en precies op dat moment klinkt er boven mij een keihard KRAK. Echt, zon droge knal dat je het door je hele lijf voelt. En wat gebeurt er? Die mega dikke, dorre tak die ik net wilde snoeien breekt af en stort met een noodvaart omlaag, precies waar ik drie seconden eerder met m’n hoofd had gestaan.
Dat ding knalt op de grond, barst in stukken en mist mijn hoofd echt op een haar na. Mn knieën trilden, hart bonkte, ik stond daar alleen maar naar die tak te staren en dacht: wat als Bram me niet had tegengehouden?
Toen drong het pas tot me door: die hond van mij probeerde me gewoon te redden! Hij had vast iets gehoord, een gekke kraak in dat oude hout, of hij voelde het aankomen dat die tak zou sneuvelen.
Ik ben rustig teruggelopen naar de ren, Bram keek me aan met die ondeugende, maar bezorgde blik, kwispelend, gewoon wachtend of ik het nu eindelijk snapte. Ik liet hem eruit, ging bij hem zitten en omhelsde hem, echt zo’n moment dat je samen gewoon even stil bent. En ik fluisterde: Bram, je hebt mn leven gered, ouwe gabber.
Sindsdien, joh, als Bram een onderbuikgevoel heeft, luister ik. Geen discussie meer. Instinct van een hond? In Nederland onderschatten we dat misschien wel eens, maar ik weet nu wel beter.






