Beste dagboek,
Vandaag is het precies een maand geleden dat we Lieke begroeven. Mijn zus Marjan is nog steeds kapot van verdriet. Haar man Henk stond er al meteen na de begrafenis op dat we haar kamer opruimden, al haar spullen weggooiden. ‘Het doet alleen maar pijn,’ zei hij steeds. ‘We moeten verder.’ Marjan verzette zich wekenlang. Ik begreep dat wel. Die kamer was alles wat er nog van Lieke over was.
Gisteren belde ze me in paniek. Of ik meteen wilde komen. Toen ik binnenkwam, stond ze in Liekes kamer, wit weggetrokken, met een papiertje in haar hand. ‘Kijk,’ fluisterde ze. Op het briefje stond in Liekes handschrift: ‘Mam, als je dit leest, kijk dan onder het bed. Dan begrijp je alles.’
Marjan had het gevonden tussen een schoolboek. Ze durfde niet te kijken. Ik knielde en schoof het bed opzij. Daar stond een oude schoenendoos, keurig weggestopt. Ik haalde hem tevoorschijn. Er zat een mannenriem in, een horloge met een gebarsten glas en een USB-stick. Allemaal spullen die niet van Lieke konden zijn.
We zetten de laptop aan. Marjan beefde toen we de video afspeelden. Lieke zat op haar kamer, huilend, steeds om zich heen kijkend. ‘Mam, als je dit ziet, ben ik er niet meer,’ zei ze zachtjes. ‘Geloof me alsjeblieft. Het was geen ongeluk. Ik ben niet gevallen.’ Ze vertelde dat ze die avond een heftige ruzie had gehad met haar vader. Ze wilde de waarheid aan mij vertellen, zei ze tegen Marjan, maar Henk had haar verboden iets te zeggen. Hij had haar gedreigd. Ze liet een blauwe plek op haar arm zien, en zei dat hij dat had gedaan. Toen stopte de video.
Marjan zakte op de grond. Ik kon het niet geloven. Maar alles viel op zijn plek. Waarom Henk zo snel van haar spullen af wilde. Waarom hij Marjan niet in die kamer liet. Hij wilde dat ze niets zou vinden. In de doos zat nog een briefje: ‘Mam, vertrouw hem niet. Ga naar de politie. Hij is gevaarlijk.’
Ik heb Marjan overgehaald om aangifte te doen. Vanochtend hebben we de USB-stick aan de recherche gegeven. Henk is aangehouden. Marjan huilde, maar ze zei dat ze eindelijk rust voelde. Voor het eerst sinds de begrafenis.
Wat ik hiervan heb geleerd? Dat je nooit je gevoel moet negeren, hoe pijnlijk de waarheid ook is. Soms zit het kwaad vlak naast je, en durf je het niet te zien. Maar zwijgen is verraad. Voor Lieke moest de waarheid eruit.






