David vond een mobiele telefoon in het park bij het ziekenhuis. Hij wilde de telefoon naar de portiersloge brengen, maar toen belde de eigenaar

Daan staat vlak bij de ingang van het ziekenhuis, huiverend door de kou en de gure herfstwind. Hij is net even naar buiten geglipt voor een sigaretje, slechts gehuld in zijn witte jas, en hij heeft zijn jas in de artsenkamer laten liggeniets waar hij nu spijt van heeft. Terwijl hij zich net om wilde draaien om weer naar binnen te gaan, hoort hij plotseling een indringende ringtone. Het geluid komt van rechts, al ziet hij daar niemand staan. Al snel ontdekt Daan een telefoon op de grond onder de muur, die hij eerder volledig over het hoofd heeft gezien.

Hij heeft geen tijd om op te nemen, en omdat het toestel vergrendeld is, kan hij niet terugbellen. Daan steekt de telefoon in zijn zak met het plan om hem straks bij de balie af te geven; het baliepersoneel zal vast snel weten van wie de telefoon is. Maar zodra hij zijn eigen afdeling nadert, begint de telefoon opnieuw te rinkelen. Op het scherm staat Marieke.

Goedemiddag, zegt Daan vriendelijk, ik heb deze telefoon gevonden vlakbij het ziekenhuis. Kent u de eigenaar? Er klinkt meteen een opgewekte vrouwenstem aan de andere kant. Oh, wat fijn dat u hem gevonden heeft! Mijn opa wandelde hier in de buurt en is hem ergens verloren. Bent u nog in de buurt? Zouden we elkaar kunnen treffen in het roze gebouw naast de spoedeisende hulp?

Daar loopt Daan meteen naartoe.

Kunt u me vertellen in welke kamer uw opa ligt? Dan breng ik de telefoon persoonlijk naar hem toe. Echt waar? Wat ontzettend lief, dank u wel! Marieke klinkt nog vrolijker. Kamer 28, op de tweede verdieping. Ik weet het al te vinden, geen probleem.

Voordat Daan teruggaat naar zijn eigen patiënten, kijkt hij eerst even bij Mariekes opa binnen, terwijl hij diens telefoon vast heeft. Opa lijkt wat verrast bezoek te krijgen en herkent Daan niet meteen als arts, maar is dolblij dat zijn telefoon terecht is.

Wat aardig van je dat je hem gevonden hebt! Mijn kleindochter heeft er zo hard voor gespaard, en ik raak altijd alles kwijt.

Daan blijft uiteindelijk langer dan gedacht, want opa vertelt enthousiast van alles over zichzelf en zijn kleindochter, en stelt Daan ondertussen vragen over zijn werk, zijn leven en hoe lang hij al arts is. Om weer aan het werk te kunnen, belooft Daan dat hij die avond nog even langs zal komen. Daar zit de ondeugende opa natuurlijk op te wachten. En wanneer Daan ‘s avonds terugkeert, is Marieke net op bezoek; ze zit aan opas bed en schilt een appel als Daan binnenkomt.

Zo ontstaat er een mooie kans voor hen om kennis te maken. Hun gesprek begint eerst in de kamer, maar verplaatst zich al snel naar de kantine. Daar bestellen ze een heerlijke bosvruchtenthee met twee theelepels suiker en praten ze over van alles en nog wat.

Marieke is een prachtige, typisch Hollandse vrouw van wie Daan zijn ogen amper af kan houden ze maakt duidelijk indruk op hem.

Ik wil je echt bedanken dat je de telefoon hebt teruggebracht. Zonder jou had ik mn opa niet kunnen bereiken, zegt ze oprecht. Ach, het was niets bijzonders, antwoordt Daan, wat verlegen. Nee, ik wil je toch iets terugdoen. Zullen we na je dienst samen ergens een hapje eten?

Daan lacht terwijl zijn wangen rood kleuren. Nog nooit eerder is hij door een vrouw uitgenodigd.

Dat lijkt me ontzettend leuk, antwoordt hij blij.

Rate article