’s Avonds liet ik mijn man de opname horen: Hij luisterde meerdere keren, vol ongeloof dat zijn moed…

s Avonds luisterde ik samen met mijn man naar een opname. Hij speelde hem wel drie keer af, telkens weer verbijsterd dat zijn moeder zich zó kon gedragen.

Toen ik verhalen hoorde over schoonmoeder versus schoondochter, of bizarre anekdotes hoorde van vriendinnen, dacht ik altijd: Nee joh, dat overkomt mij niet! Ik kon iedereen om mn vinger winden, dacht ik. Discussiëren? Geen probleem, want ik was niet snel uit het veld geslagen.

Mijn eerste ontmoeting met mijn schoonmoeder was, laat ik het netjes zeggen, een tikkeltje ongemakkelijk. Ze glimlachte vriendelijk (of wat erop moest lijken), stelde beleefde vragen over mijn familie en werk, maar haar opmerkingen waren doorspekt met een subtiel soort afkeuring waar menig Amsterdams grachtenpand jaloers op zou zijn. Ik kreeg zelfs het vriendelijke advies dat haar zoon zich best iets beters kon veroorloven Ach ja, wij zijn toch getrouwd. De schoonmoeder was niet echt gelukkig ze kwam precies één uur op onze bruiloft om vervolgens met migraine excuses snel af te taaien.

Na de bruiloft werd het pas echt gezellig. Mijn man en ik gingen samenwonen in zijn flat in Utrecht, en natuurlijk had zijn moeder een eigen sleutel. Ik kwam bijna altijd eerste thuis, zo rond drie uur s middags. Terwijl ik stond te koken of de was vouwde, piepte zijn moeder steevast naar binnen. Vervolgens wees ze me er fijntjes op dat ik alles verkeerd deed: strijken niet netjes genoeg, de aardappelen onjuist geschild, zelfs de sokken niet op de Nederlandse manier gevouwen. Conflicten vermijden was mijn specialiteit, dus meestal hield ik me stil en vouwde ik mijn tranen bij het beddengoed. Daarna vertrok ze alsof er niets aan de hand was geweest. Waarom ik het niet meteen tegen mijn man zei? Tja, je denkt: het waait wel over, maar iedere dag werd het vreemder en een tikkeltje Hollandser.

Opeens besefte ik: deze soap heeft bewijs nodig! Dus stiekem een mobiel achter de koffiemelk gezet en bingo een pracht van een monoloog, waarin ik ongeschikt werd bevonden voor alles, zelfs voor het afgieten van de groente. Toen ze me uiteindelijk weer aan het huilen had en zelf tevreden de deur uitliep (Tot morgen!), stond het allemaal op tape.

s Avonds zette ik het fragment voor mijn man op. Hij werd steeds bleekjeser, klikte nog eens, en begreep niet hoe zijn moeder het in haar hoofd haalde. Diezelfde dag belde hij haar op. Discussie van jewelste, zij kwam met smoesjes en beweerde dat ik alles verzon om hen uit elkaar te drijven. Maar hij had álles gehoord en zei helder: vanaf nu komt ze alléén als we haar uitnodigen. En de sloten? Die werden de volgende dag vervangen. Tot ziens reservemoeder!

Ik heb een tijd nodig gehad om daarvan bij te komen; mijn zelfvertrouwen was lager dan het waterpeil in de IJsselmeer na een droge zomer. Een psycholoog hielp gelukkig een beetje. Toen onze dochter Lotte geboren werd, werd het gemoed langzaam beter. Nu zie ik mijn schoonmoeder eigenlijk nooit meer mijn man gaat gezellig alleen naar haar toe, neemt soms Lotte mee voor een stroopwafel. Niemand die me dwingt om mee te gaan, hij begrijpt denk ik dondersgoed hoeveel moeite het mij gekost heeft om weer een beetje mezelf te worden.

Rate article