Heb je het ooit meegemaakt dat ze je de restjes geven zogenaamd als gunst en dat juist die waardevoller blijken dan alles? Mijn familie besloot mij te vernederen en liet me een lap natte klei en modder na. Maar soms, schuilt er goud in de modder.
In onze familie werd de waarde van een mens afgemeten aan het merk van het horloge en het bouwjaar van de auto.
Ik, Jeroen, was altijd het buitenbeentje. Of, zoals men zei ons hippie. Ik ben bioloog. Mijn leven speelt zich af in het veld met laarzen vol modder tussen de rietkragen en bossen, waar ik ecosystemen bestudeer. Volgens mijn moeder, mijn broer Pieter en zus Femke stond dat gelijk aan: mislukt.
Pieter is bedrijfsjurist, Femke heeft een eigen modezaak en Jeroen Jeroen speelt met kikkers, zei mijn moeder bij elke familieborrel, waarna iedereen moest lachen.
De enige die mij begreep, was mijn opa aan vaderskant opa Bertus. Een nuchtere man, oud-boer, eigenaar van een stukje grond aan een meer. Toen hij ziek werd, was ik de enige die bij hem introk om voor hem te zorgen.
Pieter en Femke kwamen zelden. Meestal alleen om te kijken hoe lang het nog zou duren.
Opa, heb je de papieren voor het huis aan het IJsselmeer al getekend? vroeg Pieter, kijkend naar het testament als een buizerd.
Opa glimlachte dan en knipoogde naar mij.
Alles op zn tijd, jongens.
Na opas overlijden duurde de rouw precies tot de gang naar de notaris.
De voorlezing van het testament werd een toneelstuk.
Aan mijn zoon Pieter laat ik het woonhuis en de bankrekening las de notaris voor.
Pieter grijnsde van oor tot oor.
Aan mijn dochter Femke gaan de appartementen in Amsterdam en omas sieraden.
Femke hield het niet droog van geluk.
En aan mijn kleinzoon Jeroen, die altijd meer van de natuur hield dan van geld, laat ik het stuk land genaamd De Kleiputten.
Het werd muisstil. Toen barstte iedereen in lachen uit.
Het moeras?! schaterde Pieter. Jeroen, opa heeft je letterlijk modder met muggen nagelaten! Gefeliciteerd, kikkerboer!
Femke deed er nog een schepje bovenop:
Dan heb je tenminste een plek om in te spelen. Vraag ons straks niet om geld voor ongediertebestrijding.
Mijn moeder zuchtte:
Dit verdien je. Opa wist dat jij niet om meer gaf.
Ik zette mijn handtekening zonder iets te zeggen.
Ze wisten niet wat opa wél wist.
Maanden voor zijn dood hadden opa en ik ingenieurs laten komen. Wat bleek? De Kleiputten zogenaamd waardeloze grond was de enige mogelijke toegang tot een ongerepte baai waar een internationale hotelketen een luxe eco-resort wilde bouwen.
Zonder mijn stuk grond kwam het hele project niet van de grond.
Mijn lapje modder was de sleutel.
Opa zei vlak voor zijn dood:
Zij grijpen naar het mooie. Pak jij het lelijke maar, jongen. Op lelijke grond groeit het leven.
Een week na het testament gooide Pieter geld over de balk; Femke verkocht haar sieraden.
Ik zette mijn handtekening onder een contract.
Een bedrag met zeven nullen.
In euros.
Tien keer meer dan wat zij samen hadden gekregen.
Met als voorwaarde dat het project Bertus Natuurreservaat zou heten.
Toen het nieuws naar buiten kwam, belde Pieter me op. Lachen was er niet meer bij.
Jeroen is het waar?
Ja.
Voor hoeveel?
Genoeg om jouw huis vijf keer te kopen.
Plots stond de familie weer op de stoep.
Mijn moeder huilde, ze had het ineens over familie en gezamenlijke beslissingen.
Ik dacht terug aan hun grappen.
Kikkerboer.
Ik heb een deel van het geld aan natuurbehoud gedoneerd, zei ik. De rest is geïnvesteerd. Onaantastbaar.
Egoïst! riep Femke.
Jullie hebben het huis en de sieraden zei ik kalm. Geniet ervan.
Ik stapte in mijn nieuwe auto en reed weg.
Tegenwoordig leef ik in rust.
Samen met mijn kikkers is het goed zo.
Soms is degene die het laatst lacht,
degeen die het best én het duurst lacht.






