Ze stond al op het punt om de deur uit te gaan, maar bleef plotseling staan toen ze zichzelf in de grote spiegel in de gang zag.
Ik legde mijn telefoon neer en begon alles te pakken wat ik nodig had, waarbij ik het geld meenam dat mijn man en ik hadden gespaard voor onze vakantie in Zeeland. Ik belde mijn werk op en nam een vrije dag, waarna ik mijn man hiervan op de hoogte bracht. Terwijl ik bijna het huis verliet, ving mijn blik mijn eigen sombere ogen en de grijzende lokken in het spiegelbeeld. Pijnlijke herinneringen vulden mijn gedachten, alsof de zee van het verleden aan mijn kusten bleef klotsen.
Mijn oma, onze lieve oma Jannetje, had ons alleen grootgebracht. Ik heb nooit begrepen waarom, maar ze hield altijd meer van mijn nichtje Lieke dan van mij. Lieke was voor haar als een eigen dochter oma was als een moeder voor haar, terwijl ik haar deed denken aan de vader die zij nooit had liefgehad. Vaak beschuldigde ze Lieke ervan dat ze later met zon man zou trouwen. Lieke was altijd al slimmer; vanaf haar kindertijd blonk ze uit met haar cijfers. Ooit besloot oma dat, omdat mijn nichtje beter presteerde, zij moest gaan studeren, terwijl ik thuis aan het werk moest. Vanaf dat moment werd ik verantwoordelijk voor het huishouden, de kleine boerderij, en het koken in onze rijtjeswoning in Dordrecht.
Lieke ging uiteindelijk studeren in Leiden en oma kon haar geluk niet op, ook al werkte ze dag en nacht om de collegegeld bijeen te krijgen. Zelf voelde ik de droefheid diep in mijn buik broeien. Daar, op onze Hollandse keukenstoelen, besloot ik: als oma niet wilde dat ik ging leren, dan zou ik zelf in de stad gaan wonen. Na het weekend pakte ik mijn tas, nam de spaarcenten mee en stapte op de trein naar Utrecht.
Ik herinner me nog dat ik, als jong meisje, werkte op de markt. Tussen de kramen en het geroezemoes ontmoette ik mijn man, Pieter, die verse bloemen leverde. Hij is een goed mens. Samen kochten we uiteindelijk ons eigen appartement in Amersfoort. Onze dochter, Marjolijn, heeft het echter lastig gehad. Ze keerde terug naar het platteland toen haar ondernemingen mislukten. Gelukkig had oma Jannetje ons haar huis nagelaten, omdat ik inmiddels een eigen plek had.
Vanmorgen werd ik wakker, overmand door woede en een brok verdriet. Gedachten gonsden door mijn hoofd: had ik misschien toch moeten meegaan met de familie? Nu zij er niet meer zijn, voelt het alsof er iets fundamenteels in mij ontbreekt, als een fietspad dat ineens ophoudt aan de horizon van mijn leven.






