Dagboeknotitie Verraad achter het masker van vriendschap
Wat was de winter meelevend dit jaar! De sneeuw leek wel nooit te stoppen; steeg op tot sprookjesachtige tafereeltjes in de straatjes van Utrecht. De dikke witte vlokken draaiden traag naar beneden, legden zich zacht op de dakpannen, op de bakstenen stoepjes, terwijl de vorst een ongekende helderheid in de lucht bracht alsof de wereld even scherper was dan anders.
Binnen, in ons appartement aan de Oudegracht heerste juist warmte en geborgenheid. Buiten danste de sneeuw geduldig voor het hoge raam, maar binnen, achter dubbel glas, was het gezellig en veilig. De tafellamp verspreidde een doezelig, zacht licht, waardoor alles in een warme gloed werd gezet het perfecte wapen tegen de winterse kou.
Marije en ik zaten samen onder een dikke plaid op de oude, comfortabele bank. Op de televisie speelde een typische Hollandse familiefilm. Zo eentje zonder diepere lagen, gewoon een beetje lachen, een beetje ontspannen. Marije had haar ogen op het scherm gericht, haar mondhoeken opgetrokken in een kleine glimlach ingegeven door haar eigen gedachten, vermoedde ik. Zelf zat ik Erik naast haar, wat onderuit gezakt, mijn blik steeds weer afglijdend naar het dwarrelende sneeuwvlokken buiten. De stad leek voor even betoverd.
Dit idyllische moment werd verstoord door de herkenbare melodie van mijn mobiel. Ik reageerde met tegenzin; het was alsof ik niet uit die rustige bubbel wilde stappen. Maar het belletje bleef aandringen. Met een diepe zucht viste ik mijn telefoon uit mijn broekzak, keek op het scherm en zuchtte opnieuw.
Het is weer Rick, zei ik tegen Marije. Derde keer vanavond al.
Ze draaide haar hoofd naar me, zonder haar blik echt van de televisie los te rukken.
Hij wil vast weer dat we bij hem op bezoek komen, zei ze neutraal. Hij heeft dat huisje in Drenthe gekocht, toch? Wil dat vieren. En die man accepteert nee gewoon niet.
Ik nam het gesprek aan.
Hey Rick, alles goed? probeerde ik opgewekt te klinken.
Erik! Wanneer kom je nou eindelijk? We gaan het huisje inwijden, alles is geregeld de sauna staat aan, tafel is gedekt, de vrienden zijn er. Kom nu gewoon met Marije, joh! Het wordt gezellig!
Even overwoog ik mijn antwoord. Mijn blik gleed naar Marije, die nauwelijks zichtbaar met haar hoofd schudde. Geen zin in drukte, luide muziek, slap geouwehoer. We hadden samen duidelijk besloten: dit weekend werden we één met onze cocon, zonder verplichtingen of stress.
Na kort nadenken kwam ik met een idee.
Luister Rick, begon ik zacht. Marije is een paar dagen naar haar moeder, dus ik blijf deze keer thuis. Je weet hoe het is, man. En ik wil geen gezeur over niks. We doen dit een andere keer.
Er viel een korte stilte. Toen klonk Rick verbaasd:
Naar haar moeder? Wanneer is ze terug?
Morgenavond, verzon ik. We hadden dit weekend eigenlijk hele plannen: naar de film, schaatsen in het park, liedjes zingen in het café… Maar goed, het zat er niet in. Volgende keer beter, oké?
Rick was even stil, toen klonk hij ineens tevreden.
Nou vooruit. Maar app even zodra ze terug is! Ik wil jullie echt weer zien.
Natuurlijk, zei ik vlot. Misschien volgend weekend, tenminste… als het uitkomt.
Ik drukte het gesprek weg, legde mijn telefoon op de salontafel en voelde een opluchting door mijn lijf trekken.
Zo, dat viel nog niet mee, mompelde ik tegen Marije. Hij is zó vasthoudend. Waarom snapt hij niet gewoon dat ik geen zin heb in melige borrels in een huisje? Altijd dat gezwets over drank en stunts… Nee, dit hier gewoon met jou dat is al meer dan genoeg voor me.
Ik sloeg een arm om haar heen. De spanning vloeide langzaam weg. De kamer was zacht en stil, buiten de sneeuw, binnen onze film en in de lucht louter rust.
Marije nestelde zich dichter tegen me aan, haar ene hand op mijn borst. De kamer was luidloos, op het getik van het wandklokje na. Het zachte lamplicht, de oude zwart-wit film op de televisie, de geur van thee alles samen bracht een gevoel van veiligheid. Juist dat zochten we in deze drukke tijden.
Ik vind het ook zo prima, zei ze, ietwat schor. Laten we gewoon lekker deze film afkijken en op tijd naar bed gaan. Meer hoeven we toch niet?
Ik glimlachte en trok haar dichter tegen me aan. Binnen een paar uur zou het licht uitgaan, zouden we lekker warm onder de dekens kruipen. Maar toen ging mijn telefoon opnieuw. Weer Rick.
Met een frons keek ik naar het scherm. Wat nu weer?
Rick, ik zei toch… probeerde ik kalm te blijven, maar hoorde mijn stem al trillen.
Erik, klonk Rick ineens serieus, haast gespannen, ik ben nu in café De Kristal, lekker even los met de mannen. En ik… eh… ik zie Marije hier. Met een andere vent. Ze drinken, zitten elkaar vast te houden. Ik weet niet of ik me er mee moet bemoeien maar je moet dit weten. Jij dacht dat ze bij haar moeder was? Ze liegt dus duidelijk tegen je.
Ik verstijfde. Keek geschrokken naar Marije, dan weer naar het scherm, of Rick me niet voor de gek hield.
Wat? zei ik ongelovig. Weet je het zeker? Je zou haar gemakkelijk met iemand kunnen verwarren! Ze zit gewoon naast me.
Honderd procent zeker, hield Rick vol. Stem van geen twijfel. Ze is al flink tipsy ook. Wil niet dat ik me er mee bemoei. Zal ik de telefoon aan haar geven?
Opeens stokte alles in mijn hoofd. Wat was dit? Een slechte grap? Of…?
Doe maar, zei ik kort en zette hem op de speaker. Benieuwd wat ik zou horen.
Uit de luidspreker kwam de beat van clubmuziek, doorsneden met gelach en vage stemmen. Toen klonk er een vrouw: een stem die akelig veel op die van Marije leek, liet mijn hart even overslaan.
Hallo? Wie is daar? Waarneembaar een aarzeling, alsof ze niet doorhad dat ze opnam.
Ik slikte, keek naar Marije die wijdbeens tegenover me zat, ogen groot van verbazing.
Marije? zei ik zo rustig mogelijk. Dit is Erik. Wat is daar aan de hand?
Een giechel, daarna dezelfde stem nu losser, hese rand:
Pff Erik, ik ben je zat! Ik wil het leven vieren, hoor je! Dat saaie leven met jou hoeft even niet. Ik ga los, tot ik ‘t beu ben!
Marije sprong geschrokken overeind. Haar gezicht verbleekte, en met haar hand tegen de borst fluisterde ze: Wat voor onzin is dit? Hoe kan iemand zich als mij voordoen? Haar ogen vol paniek.
En waar ben je precies? vroeg ik, omgaan met het absurde.
Wat kan jou dat schelen? antwoordde de stem brutaal. Het is mijn leven, hoef geen verantwoording af te leggen!
Achtergrondgelach, het gerinkel van glazen, en toen weer Rick:
Zie je nou, Erik?
Met een ruk onderbrak ik het gesprek.
Stop maar ik zoek het morgen wel uit. Bel me nu niet meer.
Zonder verder iets te zeggen gooide ik mijn mobiel naast me op de bank. Als Marije er nu niet naast me zat… had ik dit misschien geloofd.
Ze liet zich weer naast me vallen. Haar ogen groot en vol ongeloof. Het leek inderdaad haar stem. Maar hoe wist iemand onze details? Duidelijk instructies van iemand.
Dit is bizar, mompelde ze. Wie doet dit? En waarom?
Ik haalde mijn hand door mijn haar, mijn gedachten gingen alle kanten op. Geen antwoorden alleen wantrouwen.
Ik heb geen idee, zei ik, starend naar nergens. Maar die stem, de frasering, het lachen het klopt allemaal. Het kan geen toeval zijn.
En Rick was er zo zeker van. Stel je voor dat ik echt even niet thuis was… had je dan gedacht dat ik werkelijk in De Kristal zat?
Mijn blik werd zachter. Ik pakte haar bij haar schouders en trok haar dichtbij.
Ik zou altijd iets vreemds hebben vermoed, zei ik beslist. Zo ben jij niet. Iemand probeert hier iets te forceren. Maar ik zoek het uit. Misschien laten we de camerabeelden zien. We zien vanzelf wie deze vrouw was.
Ze ontspande zichtbaar, liet haar hoofd tegen mijn schouder rusten.
Ja, zuchtte ze. Dat was ik dus niet. Maar wie dan wél? En waarom…?
Ik haalde mijn schouders op, maar voelde nu vooral een vastberadenheid die ik gisteren niet had. Mijn hand kneep krachtig de hare een stil teken van: samen staan we sterk.
**********
De volgende ochtend, vlak voor de lunch, zat Marije aan de keukentafel met een kop thee. Haar laptop open, werkmails vluchtig screenend. Opeens was daar weer een telefoongesprek. Rick.
Ze twijfelde even, maar besloot op te nemen. Nieuwsgierigheid won; wat ging hij nu zeggen?
Hee Marije, klonk hij wat schuchter, zijn stem voorzichtig als nat papier. Heb je Erik inmiddels gesproken over gisteravond?
Ze kneep haar telefoon steviger vast, besloot het spel mee te spelen.
Ja. We hebben ruzie gehad. Erik vertrouwt me niet meer. Zegt dat ik hem heb voorgelogen.
Het bleef stil bij Rick. Na een tijdje een hoorbare zucht. Daarna hoorde Marije een subtiel genoegen in zijn stem.
Zo, zo, zei hij zacht. Ik heb altijd al gezegd dat Erik je niet genoeg waardeert. Nooit echt ziet wie je bent.
Marije voelde woede opborrelen, maar hield zich in. Ze wilde weten waar hij naartoe ging.
Hoe bedoel je? vroeg ze koel.
Rick sprak zachter; er zat iets onheilspellends teder in zijn intonatie.
Ik bedoel, je verdient beter! Marije, ik wil je al zo lang dit zeggen… Ik hou van je. Eerlijk waar. Als je bij Erik weg wilt, ben ik er voor je. Altijd.
Marije zweeg. Hoe lang liep hij al met deze ideeën rond? Was het zijn plan, gisteravond?
Met een kalme, heldere stem antwoordde ze:
Rick, dit komt als een schok. Ik houd van Erik en wij lossen dit zelf op. Je hoeft je nergens mee te bemoeien.
Sorry dat ik te eerlijk was, antwoordde Rick, minder zeker van zijn zaak. Ik wil alleen dat je weet dat je altijd bij mij terecht kan. Erik liegt alles bij elkaar om van je af te komen, denk ik. Die gooit al zijn schuld op jou!
Marije voelde haar vingers koud op het scherm drukken. Ze bleef beheerst; boos zijn had nu geen zin.
Laat me je iets zeggen, Rick, zei ze, haar stem ijskoud. Gisteravond was ik gewoon thuis. In alle rust, met Erik. En ik weet dat jíj alles hebt opgezet. Je hebt een meisje geregeld die op mij lijkt, met dezelfde stem. Gewoon om onze relatie te verstoren. Waarom?
Aan de andere kant bleef het lang stil. Ze voelde bijna fysiek hoe hij dacht, zocht naar uitvluchten of nieuwe leugens.
Wat bedoel je…? begon hij nog, maar ze kapte hem af:
Klets niet. Je hebt alles geregeld. Met dat meisje, dat telefoontje. Zeg het maar eerlijk.
Weer stilte, tot hij uiteindelijk zijn stem verhief:
Ja, ik heb het gedaan! Omdat ik van je hou, Marije! Omdat jij bij mij hoort, niet bij Erik!
Ze sloot kort haar ogen, voelde een pijnlijke teleurstelling.
Gelukkig met jou? Denk je zelf Je bent mijn vriend niet meer. Dit is het einde.
Sorry, Marije… zijn stem brak. Maar Marije was klaar. Ze weigerde nog één uitleg of excuus te slikken.
Geen sorry. Geen vriendschap meer. Bel me niet. Nooit meer. En ik zal Erik precies laten horen wat je hebt gezegd!
Ze beëindigde het gesprek, legde de mobiel demonstratief neer. Haar handen beefden nog, maar ze ademde een paar keer diep door en keek naar buiten. De sneeuw viel nog altijd even zacht; alles leek kalmer dan het was.
Op dat moment kwam Erik de keuken binnen. Hij zag meteen haar ernstige blik.
En? vroeg hij bezorgd.
Marije draaide zich om met een wrange glimlach.
Alles duidelijk, zuchtte ze. Rick heeft alles geregisseerd. Hij is verliefd op me, wilde ons uit elkaar spelen. Hij beloofde gouden bergen. Begrijp je het nu? Zo lafhartig…
Erik schoof een stoel bij, pakte haar hand stevig vast. In die kneep lag bescherming, steun alles wat hij wilde zeggen zonder woorden.
Dan is hij nooit echt onze vriend geweest, zei hij zacht. Vergeet hem. Ik had al een onderbuikgevoel, maar bewijs had ik nooit. Nu weet ik genoeg.
Ja, beaamde ze, leunde warm tegen hem aan. Maar nu kennen we de waarheid. En weten we tenminste wie we kunnen vertrouwen.
In haar kalme stem lag niet langer verdriet, alleen opluchting dat alles op zijn plek viel. Sluitend haar ogen, zoog ze de bekende, rustgevende geur van huis op: droog hout, thee, haar favoriete parfum.
Weet je, glimlachte ze plots zacht, het heeft zelfs voordelen. Nu hoeven we niet meer naar verjaardagen en borrels tegen onze zin. Geen beleefde afzeggingen meer.
Erik lachte kort, opgewekt.
Precies. Films kijken, thee drinken, stemde hij in en hij keek haar met twinkelende ogen aan.
En nooit meer naar buiten, knipoogde ze, nestelde zich nog dieper in de plaid.
Ideaal, fluisterde hij, terwijl hij haar stevig omhelsde.
Achter het dansende sneeuwgordijn en het warme lamplicht werd onze kleine wereld weer heel. Geen leugen, geen twijfel alleen wij. Elkaar, vertrouwen, warmte en het besef: wat er ook gebeurt, samen kunnen we verder.
*********************
Elders in de stad staarde Rick met starre blik naar een koud geworden mok thee aan zijn keukentafel. Nooit meer bellen, nooit meer. Haar woorden bleven rondmalen in zijn hoofd.
In plaats van spijt voelde hij vooral een verstikkend soort woede, een ruw blok in zijn borst dat hij nauwelijks onder controle hield.
Waarom liep alles mis? bulderde hij ineens, zwiepte geïrriteerd de kruimels van het aanrecht.
Nog eens speelde het hele toneel zich voor zijn ogen af. Hoe hij Marijes stem had laten nadoen door Evelien dat meisje met datzelfde stemgeluid en dezelfde sprekende ogen. Ze vond het nog een leuk spel ook. Ik hou van zulke streken, had ze tegen hem gezegd.
Alles leek te kloppen. Als alles zou werken, dacht hij, zou Marije eindelijk zien dat Erik haar niet verdiende. Maar nu had hij alleen maar een ijskoude afwijzing ontvangen. En meer nog alles verloren.
Het was niet mijn fout! voer hij tegen zichzelf uit, ijsbeerde door de keuken, zijn vuisten gebald.
Voor zich zag hij Marije en Erik: de vanzelfsprekende warmte, de gedeelde blikken, hun eenvoudige geluk. Hij had geloofd dat hij haar dit minstens zo mooi kon geven. Misschien zelfs meer…
Zonder verder na te denken, scheurde hij het kladblaadje, waarop zijn plan stond, in stukjes en gooide het vijandig in de prullenbak.
Buiten viel de sneeuw gestaag. Rick sloot zijn ogen, stelde zich voor hoe Marije juist nu, samen met Erik, zich veilig en geborgen voelde in hun warme huis. En in plaats van haar geluk te gunnen, groeide er slechts een schurend gevoel van miskenning.
Dit had van mij moeten zijn, dacht hij. Dit alles, hun geluk, had het mijne moeten zijn.






