Als kind had ik altijd een grote, heldere droom die al mijn gedachten beheerste. Ik droomde ervan vader te worden. Toen mijn vrouw zwanger raakte, keek ik vol spanning uit naar het moment dat ik mijn kindje voor het eerst zou vasthouden. Toen de weeën begonnen, zijn we naar het ziekenhuis in Utrecht gegaan. Daar werd onze zoon geboren. Mijn vreugde kende geen grenzen. Aan het eind van de middag bracht de kraamverzorgster hem bij ons. Hij was klein, met een piepkleine neus en grijze oogjes. Plots waren we alleen, hij en ik.
Ik keek naar hem, voorzichtig sloeg ik hem in een zachte deken het duurde waarschijnlijk wel tien minuten. Het was de eerste keer dat ik een baby vasthield, en ik was bang dat ik iets verkeerd zou doen. Met trillende handen vouwde ik de stof om hem heen en zag zijn kleine beentjes tevoorschijn komen. Op de een of andere manier had ik me dit heel anders voorgesteld. Hij sliep vredig. Heel zachtjes streek ik langs zijn voetjes, armpjes en zijn buikje. Even sloot ik mijn ogen en drukte hem tegen me aan, ik rook aan hem. Die geur het viel niet te beschrijven, zo uniek. De geur van mijn zoon.
Opeens voelde ik me vreemd, alsof mijn binnenste rust plotseling was verdwenen. In mijn hoofd spookten rare gedachten rond. Twijfel stak de kop op. Hij rook niet zoals ik me had voorgesteld. Het leek haast of ik het kindje van iemand anders vasthield. Heel even wilde ik hem neerleggen en weglopen, en nooit meer terugkeren naar die kamer. Maar hoe kon ik zoiets doen? Hij had mij nodig. Ik had jarenlang uitgekeken naar het moment dat ik mijn kind vast zou houden.
De kraamafdeling voelde kil en onwennig. Ik riep op een gegeven moment een verpleegkundige, probeerde hem opnieuw in te bakeren, maar het wilde maar niet lukken. Ook voeden ging stroef; ik wist niet wat ik moest doen en hij pakte de fles niet goed. Hij deed zijn ogen open en keek me aan, zijn blik nog niet gefocust, maar het leek alsof hij probeerde te ontdekken wie ik was. Toen ik hem dichter tegen me aantrok, gleed zijn kleine handje over mijn schouder. Die aanraking was zacht en warm. Op dat moment verdwenen al mijn twijfels. Mijn zoon lag vredig te slapen in mijn armen.
Mijn droom was uitgekomen; ik was vader geworden. Alles in het leven vraagt soms moed en vertrouwen, vooral als het onbekend is maar je hart wijst altijd de weg.






