Ik ben nu zes jaar samen met mijn vrouw. Ze heeft een dochter, Marije, die acht jaar oud is en pas twee jaar was toen ik haar leerde kennen. Haar vader was verdwenen enkele maanden voor haar geboorte en op een koude decemberavond stond hij ineens voor onze deur in Haarlem, terwijl ik aan het werk was. Toen Marije haar vader voor het eerst zag, leek hij nauwelijks aandacht aan haar te schenken, alsof ze niet echt bestond in zijn wereld.
Twee weken verstreken in een lichte mist van winterse dagen, en plotseling vertelde mijn vrouw, Ilse, dat ze besloten hadden om samen voor Marije te zorgen. Ilse wilde niet vertellen waar die man woonde en zelfs zijn telefoonnummer hield ze verborgen, als een geheime schat onder het dijkgras.
Ilse brengt Marije altijd naar school en haalt haar weer op van dansclub en hockey. Maar begin januari begon Marije te protesteren; ze wilde niet meer naar haar vader. Ze zei helder als het water bij de IJssel dat hij eng was, vies, dat ze daar niet kon slapen. In het bijzijn van Ilse verklaarde ze dat ze niet meer wilde gaan. Toen, afgelopen vrijdag
Ilse zou om 20.00 uur klaar zijn op haar werk, waarna ze direct Marije zou ophalen. Maar om 21.00 uur waren ze nog steeds niet thuis en Ilse nam haar telefoon niet op. Ik belde haar zussen, haar moeder; niemand wist waar ze was. Toen fietste ik door het natte donker naar haar werk leegte, stilte, niemand te vinden.
Kort na twee uur s nachts kwamen Ilse en Marije thuis; ik zat rechtop, nerveus en onrustig, als een zwaluw op een stormachtige dakrand. Ilse zei Sorry, met een bijna kinderlijke blik. Haar verhaal ging als volgt:
Haar telefoon was leeg op het werk, ze reed naar het huis van haar ex, maar niemand was daar. Ze kon hem niet bellen en wachtte. Rond 21.00 uur kwamen ze aan met wat eten. Vader verklaarde dat ze naar de supermarkt waren gelopen en op de terugweg eten hadden meegebracht. Ilse ging mee naar binnen en liet ze hun maaltijd afmaken. Daarna viel ze in slaap op de bank als een mossel in een schelp en werd om 1:45 wakker, waarna ze snel naar huis ging. Ze was simpelweg uitgeput na een lange dag.
Uiteindelijk gaf ze mij het adres van de ex, en vroeg of ik Marije de volgende dag daarheen wilde brengen. Ik nam haar mee en ontdekte een bouwkeet langs de rijksweg, ergens in een armoedige wijk van Amsterdam. Overal kruipen kakkerlakken, lege bierflessen liggen verspreid. Vader zit in zijn ondergoed op een bank, starend naar een scheve klok op de muur. Ik nam Marije weer mee naar huis terug naar het veilige nest.
Later die avond vernam ik dat Ilse hem geld had gegeven; 40 euro per keer en regelmatig zn telefoon opgeladen uit onze gezinsbudget. Is er iets gaande tussen hen? Misschien zijn ze zelfs weer samen. Het voelt alsof er meer gebeurt alsof de grenzen tussen realiteit en droom vervagen.
Gisteren beval ik Ilse weg te gaan en dat Marije bij mij moest blijven het enige veilige huis. Ik zeg tegen mezelf: ik stuur haar niet terug naar zon troosteloze plek! Mijn schoonmoeder staat vol achter mij; juridisch ben ik als voogd geregistreerd.
Ik zie geen andere mogelijkheid, behalve afwachten hoe het verder zal lopen. Alles golft en draait als het water in de Noordzee vreemd, grijs, en onzeker.






