Hoi. Ik hoorde dat jullie een huis hebben gekocht… Geweldig, zei mijn nichtje. Ja, klopt, we hebben het gekocht. Maar er moet nog veel verbouwd worden. Het huis is echt een puinhoop. Er is veel werk aan de winkel en we moeten flink wat euros investeren.
Dus, maak die verbouwing maar snel af, dan komen we met zn allen bij jullie barbecueën. Dat is toch prachtig een tuin, gras, een schommel, groentenbedden, fruitbomen… Echt een sprookje. Ik kan niet wachten om jullie te bezoeken. Waarom wachten? stelde ik voor. Kom gewoon dit weekend al langs. We gaan samen afval opruimen, oude behang van de muren halen en in de tuin is er genoeg te doen: bomen snoeien bijvoorbeeld. Je zou ons echt kunnen helpen. We hebben nu echt hulp nodig… Na het werk kunnen we samen barbecueën.
Na mijn enthousiaste verhaal werd mijn nichtje plotseling wat rustiger. Toen zei ze:
Oh nee, weet je, dit weekend hebben we al afgesproken met mijn broer.
Geen probleem, kom dan volgende weekend. Werk genoeg voor de komende jaren. Samen klussen en daarna bbqen, dat is toch gezellig…
En als je komt, vergeet niet wat vlees te halen, want we zitten een beetje krap bij kas. Al ons geld zit in het huis.
En straks in het voorjaar: dan help je mee de tuin omspitten, iets planten in de moestuin, er samen voor zorgen, en uiteindelijk onze eigen groenten vers uit de tuin eten. Dat is toch fantastisch?
Na mijn verhaal leek mijn nichtje opeens wat somber. Ze nam haastig afscheid, zei dat ze nog allerlei dingen te doen had, en zette haar telefoon uit.
Hopelijk heeft ze er iets van begrepen. Want er zal altijd veel te doen zijn. Mest uitrijden, tuin omspitten, gras maaien, en nog heel veel meer…






