Eens kreeg mijn oma duizeligheid, en de dokter die met de ambulance kwam, besloot geen risico te nemen en bracht haar naar het ziekenhuis. Daar legden ze haar uit dat het op haar leeftijd niet meer gepast was om vrolijk met haar vriendinnen naar theaters te huppelen. De dood was nabij, en die moest je netjes in je eigen bed ontmoeten, niet tijdens een pokeravond bij een vriendin thuis.
Oma besloot haar sterven grondig en met smaak aan te pakken. Eerst kocht ze een hele voorraad medicijnen en stalde die uit op haar nachtkastje. De lucht in de kamer werd meteen doordrenkt met de geur van valeriaandruppels. Ten tweede eiste ze van ons allemaal dat we, ten koste van onze tijd en geduld, haar zouden helpen bij het plechtige proces van sterven. Ze was humeurig, eiste nieuwe pillen, soms een dokter, dan weer een notaris.
Mijn moeder liep zich het vuur uit de sloffen om aan al haar grillen te voldoen en haar ervan te overtuigen dat het nog te vroeg was om te sterven. Oma rolde dan met haar ogen en vroeg om nog een paar druppels valeriaan.
Totdat op een dag haar oude vriendin Neeltje binnenwandelde. Gelukkig was ik toen bij oma thuis en kon ik het allemaal met eigen ogen zien.
“Ze zeggen dat je eindelijk besluit om te sterven,” vroeg ze met een diepe stem, “prijzenswaardig. Iemand moet immers de eerste stap naar de andere wereld zetten om alles uit te vogelen. Maar zeg eens eerlijkwil je echt in zon verschrikkelijke staat in die kist liggen?”
Oma mompelde dat het haar niet uitmaakte hoe ze eruit zou zien.
“Jij misschien niet,” antwoordde Neeltje, “maar ik moet dat aanzien! Sterker nog, ik moet dát kussen! Wat zullen mensen denken? Ze komen voor een fatsoenlijke begrafenis, en dan word je zo bedrogen. Ik zou ze niet meer in de ogen kunnen kijken!”
“Wat hebben die mensen er nou mee te maken?” riep oma uit.
“Nou, ze komen in de veronderstelling dat ze de vriendin van Neeltje begraven, en Neeltje gaat niet zomaar met jan en alleman om. Maar als ze jou zien, denken ze dat ze een of ander lijk voorgeschoteld krijgen en voelen zich belazerd! Trouwens, waar heb je al die medicijnen voor nodig? Probeer je jezelf langzaam te vergiftigen?”
“Ik probeer mijn lijden te verzachten,” protesteerde oma.
“Je verpest je leveren van een zieke lever krijg je een afschuwelijke teint. Wil je dat iedereen wegrent van schrik als ze je in die kist zien?”
Oma dacht even na en gaf toe dat een gezonde kleur in de kist inderdaad beter was. Haar vriendin stemde in en stelde voor om een frisse neus te halen voor een gezonde blos, die prachtig zou staan op het sterfbed.
Met open mond keek ik toe hoe mijn bijna-dode oma uit bed kroop en zich naar de douche sleepte, waar ze al drie weken niet meer was geweest. Ondertussen trok Neeltje haar neus op en beval me het beddengoed bij elkaar te rapen om het te wassen en voor hen beiden een kop sterke koffie te zetten, met een scheutje opwekkende cognac, een grammetje of vijftig.
Want cognac is goed voor de stemming en de zenuwen. En in die beruchte kist, zo begreep je vast al, wil je het beste met gezonde zenuwen en een sterk hart afleggen…
Neeltje was zo bezorgd over omas aanstaande begrafenis dat ze haar wekenlang ijverig voorbereidde. Ze gingen naar de kapper, de masseur en de schoonheidsspecialiste. Ze struinden winkels en uitverkoopjes af, kochten allerlei schattige spulletjes die ongetwijfeld van pas zouden komen in het hiernamaalszoals een hoedje met sluier, handschoentjes en make-up.
Dus oma maakt zich geen zorgen meer over haar eigen uitvaart, want ze weet dat alles perfect geregeld zal zijn. En om de tijd te doden, heeft ze haar kaartavonden, picknicks en bezoekjes aan vriendinnen weer opgepakt. Ze zegt dat als de dood haar zo graag wil, die haar maar moet komen zoeken…
Maar meneer de dood lijkt geen haast te hebbenblijkbaar heeft oma nog niet de juiste kleur te pakken…






